Ansaromi in Praag

2010-06-20 038Eindelijk! Anne en Michal met Sabrina en Romina hebben het dit jaar hun bezoek naar Praag goed ingepland. Na twee jaar dat we ze niet gezien hadden hebben we van hun bezoek des te meer genoten.

Alles begon op vrijdag om 17:57 na veel te lang in de file te hebben gestaan toen hun auto om de hoek van onze straat verscheen. Anne sprong eruit en met een wafelijzer op haar schoot verplaatste zich in onze auto. Ze ging namelijk samen met mij op Louisa haar school wafels bakken, als een verrassing voor de overnachting van de kinderen. We hadden zes wafelijzers ter beschikking, een grote kom deeg en lekkere aardbijen en slagroom als versiering. De kindjes verzamelde zich nieuwsgierig rondom de “Belgische specialist in wafels-bakken”, vol spanning wat het gaat worden. En het werd niks! Het ijzer werd aanvankelijk wel warm, maar verder gebeurde er niet veel. Geen één van de wafelijzers, allemaal opgevraagd van Belgische gezinnen in Praag, werden echt heet. Het deeg bleef erin zitten zonder te bakken. De verwarring was groot. Wat nu? 2010-06-19 048 Toen kwam het idee dat de ijzers misschien allemaal te sterk zijn om de zekeringen van het keukentje te doen springen, en dus verhuisden we naar de gang. Om de vijftig of zo meters was daar een stopcontact, dus in een mum van tijd hebben we een groot deel van de school ingepalmd om wafels te bakken. En ze waren lekker!

2010-06-20 049 De volgende dagen waren minder spannend, maar zeker niet minder intensief. Een toer van de stad stond op het programma en na twee dagen wandelen was onze missie geslaagd – Ansaromie kon geen stap meer verzetten 🙂 We kwamen echter vele leuke terrasjes tegen, dus de inspanning werd wel gecompenseerd met lekker eten en drinken in een poster-achtig decor van de stad.

2010-06-20 001 Het was voor ons een grote verrassing om te zien hoe geweldig de kinderen zich onder mekaar amuseerden. Sabrina 18, Romina 15 met onze drie kabouters van 7, 5 en 1, dat was een bende. Louisa en Amélie hingen voortdurend om hun nek en het leek ons niet dat de groete meiden het te erg vonden. Een vedette op zich was natuurlijk Sissi, het braafste hondje ter wereld, die je soms compleet vergat dat ze er was. Alleen ons Julie vergat ze nooit, ze was heel content om een levendig exemplaar van “haf haf” in huis te hebben.

Om meer foto´s te bekijken, click hier op ons album.

Julie wordt 15 maand…

2010-06-20 015 … en ze stapt, eindelijk. Ze waggelt nog steeds als een eendje, maar ze is vertrokken, meestal in een richting die zij blieft, ongeacht de mening van haar toezichthouders. Haar voetjes vormen in elk geval een goede basis om te stappen – met maat schoenen 23 lijkt het wel of ze een paar ski´s aan heeft.

Met haar tandjes is het uiteindelijk allemaal goed gekomen – de dokter was heel verrast dat ze zich toch nog zo vast in de kaak hadden gezet, dus voorlopig geen tandloze glimlach!

Julie is verzot op ontbijtgranen, met name op Kellog bollekes. Ze weet de grote bokaal in de keukenkast staan en als ze zin heeft, aarzelt ze niet twintig keer per minuut ernaar toe te gaan, de kast assertief open te doen en in de bokaal wat te grabbellen. De bollekes liggen nadien meestal overal op de grond en kraken onder de voeten van ons allemaal.

2010-06-17 001 Julie geeft kusjes! Soms op haar handje en dan stuurt ze ze in de lucht, en soms komt ze op verzoek met haar mondje dicht bij ons gezicht alsof ze zeggen wou: pak ze dan! Haar favoriete woordjes zijn “hají” (liggen), “houpy” (schommelen), “haf haf” (woef woef), “nam nam”, “boty” (schoenen) en “mimi” (baby). Ze reageert ook als men haar iets in het Nederlands vraagt maar zegt nog geen woordjes in papataal. Als ze een hond ziet, is ze content. Eenders welke “haf haf” kan ze onmiddelijk doen stoppen krijsen of wenen. Dan wijst ze met haar wijsvingertje naar het beest en vrolijkt op.

In de blok huizen tegenover ons hebben ze in de lente een nieuwe speeltuin gemaakt – Julie is daar nu een stamgast, telkens voor de lunch, tussen tien en elf. Haar ochtenslaap is opgeschoven en soms slaapt ze maar ene keer per dag. In de speeltuin is het een goede kans om ze moe te maken en ze zo rapper in bed te krijgen. Ze wil overal op klauteren, en het ergste is dat het haar lukt ook nog! Het veiligste lijkt me voorlopig om ze op haar buik of rug van de kromme schuifaf te laten glijden – haar haar staat op van de elektriciteit als spijkers en ze lacht.

Doornroosje weg, ´s nachts komt de weerwolf…

2010-05-29 062Dat verhaal is van oudsher bekend – een gewone lieve mens verandert ´s nachts in een weerwolf. Awel, onze weerwolfin treedt op met haar one-baby show elke nacht, en dikwijls ook overdag, enfin telkens als het slapenstijd is.

Gillen, brullen, tieren totdat ze zich in een staat van complete hysterie werkt, dat zijn haar middelen met welke ze tegen de slaap vecht. Wie zou dat verwachten van onze schone slaapster! Het is begonnen na haar val en het schijnt bijlange nog niet uitgewerkt te zijn.

Haar tongetje, in tegendeel, blijkt goed te genezen. Het is nog steeds nogal hobbelig en de draadjes prikken er door, maar ze schijnt er geen last meer van te hebben. Of de tandjes evenveel geluk gaan hebben is een andere vraag. Een van de boventandjes wiebelt nogal en de tandarts vreest dat hij hem misschien gaat moeten trekken…

Julie begint ook al wat verstaanbaar te brabbelen. Boty (schoenen), Bumba, pá pá (dada), táta (papa) en papa komt geregeld over haar lippen. Zowel als njam njam als ze eten ziet.

Een, twee, drie, vier, hoofdje van, hoofdje van…

2010-05-22 121 Een, twee, drie….we hebben er zevenendertig geteld. Luizen. En dat na een behandeling vorige week met een superefficiënt Belgisch product. Amélie stond geduldig te wachten terwijl ik haar haartjes aan het uitkammen was en danm zei ze met een serieus gezicht: “Mijn hoofdje is niet voor luizen! Het is voor te kijken. En voor te eten!” Daar hebben jullie het, luizen, hopla, wegwezen!

Amélie – een prinses

2010-05-31 014 2010-05-31 005

Morgen is Kinderdag en bij Amélie op school is het carnaval. De kindjes mochten een costuumpje kiezen om de dag in door te brengen. Ons Amélie gaat een echte prinses worden. Ze heeft thuis ook al de manieren zitten oefenen zodat niemand morgen nog kan twijfelen dat ze van een adelijke afkomst is….

Huisruil met Lenin

2010-05-29 045Berlijn. Een wereldstad met 3,5 millioen inwoners, waaruit er 18 procent werkloos zijn. Een draaikolk van gebeurtenissen die zelfs de perversste dwaas niet zou kunnen bedenken mochten die niet waar zijn. De hoofdstad van de holebi´s, al sinds de jaren twintig. Een melting pot van culturen. Wij ertussen  met drie kinderen in een vreemde woning met meubels van de jaren vijftig, wellicht opgeraapt op één van de rommelmarken deze stad rijk is, met een schilderij van Lenin aan de muur. Retro? Geen idee…

Retro is hier precies in trek. Van onze woning in Wedding, een levendige gemeente met een turkse stempel ten noord-westen van het centrum, kom je tot aan de U-bahn drie straten verder ongeveer vijf rommelwinkels voorbij. Allemaal spullen waar je je van afvraagt waarom ze al lang niet in warmte omgezet werden in verbrandingsovens. In het centrum zelf kom je er ook tegen, maar daar noemen ze “retro” of “vintage”.

2010-05-27 071 Of Lenin in de gang, en het boek van Lenin in de living nu “retro” of “recycleerbaar” is, dat weet ik niet. Wat ik wel weet is dat na de lange jaren van het communisme en alle terreur dat het met zich meebracht deze stad wel een pauze verdient van dergelijke geschifte personages. Want onze tot nu toe driedaagse kennismaking met de geschiedenis van Berlijn van de 20ste eeuw is niet voor watjes.

Niet ver van de beroemde symbolische Brandenburger Tor is op een reuze oppervlakte in het hart van de stad een betonnen bos ontstaan. Allemaal grijze blokken, allemaal even breed en even lang, alleen de hoogte verschilt. Eerst lijkt het een beetje simplistisch opgezet, totdat je tussen de blokken heen treedt en je in een mum van tijd in een claustrophobisch doolhof bevindt van hoge zuilen met smallen doorgangen waar je niets of niemand meer terug vindt. Erg symbolisch. Kinderen vinden het doorgaans prachtig om er door te lopen, ik werd er misselijk van. De symboliek van het Joodse noodlot lag er dik, maar toch niet overdreven, op. Pure gruwel.

2010-05-27 120 De architecten kregen in Berlijn in de jaren 90 een blanko kaart. Wat een uitdaging! En wat een pracht ervan ontstaan is – de Potsdammer platz of de nieuwe regeringsgebouwen aan de Spree vol glas en onverwachten hoeken, of de totaal geschifte winkelpassages aan de Friedrichtstrasse. 

2010-05-27 316 Maar dan spring je op de double-decker 200 en laat je je langs al het historische erfgoed, nog geen twee kilometers verder naar de overkant van de rivier brengen en daar, op nog geen drie honderd meter van de Berlijnse katedrale, sta je voor het lelijkste der paneelgebouwen, regelrecht terug in het Oost-blok. Ook goede morgen….

 

2010-05-27 139 De muur staat er al lang niet meer, maar op vele plaatsen is het even duidelijk aan welke kant men zich bevindt. Toch blijft het fascineren. Wat dachten de mensen aan de beide, toen nog ongescheide kanten van de stad toen ze op 13 augustus 1961 ´s ochtends overal soldaten in de weer zagen een muur te bouwen, middel door straten, soms midden door huizen. Dat kunnen die toch niet menen zou een menige ongelovige Thomas hebben gedacht, niet eens in overweging nemend dat hij binnen een paar dagen niet meer naar zijn werk in het Westen, of nog erger, naar zijn eigen familie zou kunnen gaan.

2010-05-27 157 Toen bleek dat één muur niet genoeg was en mensen wierpen zich uit vensters om over de muur te geraken, begon de DDR regime de muur alsmaar te versterken. Eerst gingen alle vensters die uitzicht gaven over de muur dichtgemetseld worden en mensen geevacueerd. Dan gingen ze de gebouwen slopen, en zelfs een kerk, om een beter inzicht te hebben van wat er in het muurgebied gebeurt. Dan kwam er nog een binnenste muur en ertussen waakhonden, waaktorens en automatische schietgeweren. En toch bleven mensen hun levens riskeren om over die muur te geraken. Met tunnels graven, mensen smokkelen in luidsprekers of surfplanken, kinderen in winkeltassen. Dikwijls lukte het, dikwijls niet, zoals weergegeven door het Haus am Checkpoint Charlie, een beroemde oversteekplaats naar de Amerikanische sector, of in het Documentatie centrum aan Bernauerstrasse waar een stuk muur met de verschillende zones plus een waaktoren bewaard gebleven is.

2010-05-28 062 Frappant is dat er vandaag de dag maar weinig van de lugubere sfeer van de oorlog en de naoorlogse geschiedenis in de lucht is blijven hangen. In tegendeel. Het bruist hier met mensen, eerder jong dan oud, en eerder alternatief dan in grijze pakken. Zodra de zon doorkomt schieten er terrasjes als paddestoelen uit de grond. Tussen bellenblazers zigzagen fietsers, in de lucht schitteren fragmenten van saxofoonmelodieën die naar hier overgewaaid zijn van de oevers waar de rederijen het druk hebben om toeristen de nieuwe glamoureuze gebouwen van de rijkskanzler langs de waterkant te laten zien. Een echte leuke stad. Desondanks alle vooroordelen.

Veel foto´s zijn hier te vinden.

Julie wordt 14 maand

2010-05-22 021 We stappen al bijna. Aan de hand flink, alleen meestal maar een paar stapjes en dan rap terug de grond op.

We slapen redelijk goed, maar oh-we als we moeten gaan slapen. Het is niet meer van in bedje leggen, kopje strelen, weg wezen. Het is van janken en kreunen en hysterisch worden en schoppen en tieren. Pas als we erg moe zijn vallen we in slaap. Of buiten, in de koets, als de laatste remedie.

We eten ook niet meer zo bijzonder goed. Soms krijgen we het in ons hoofd dat we niet gaan eten ook als we honger hebben. We houden stuk bij voet totdat we met iets compleet anders afgeleid worden. Dan valt het er in.

We zijn verzot op papa. Táta. De beide. We verstaan dus ook al kennelijk de beide talen, en als papa zegt “waar is je neusje” dan wijzen we het evengoed aan als wanneer mama het in het Tsjechisch vraagt.2010-05-22 137

We waaien dada. Dat vinden we geweldig. Ook aan vreemde mensen of mensen die pas binnenkomen, die waaien we ook dada terug naar buiten. Maar we hebben geen schrik van vreemde mensen, geen spoor van eenkennigheid. Oh neen. We zouden zo maar met iedereen weglopen, als we tenminste konden lopen.

We lachen altijd. Altijd. Vooral als de zussen in de buurt zijn. Of als er aan onze voetjes wordt geblazen. Dat vinden we geweldig. En we vinden het heel spannend om voorwerpen te doen verdwijnen in zakjes en tasjes. Daarbij zeggen we “není”, “is er niet”, en dan toveren we het er terug boven op.  Een fantastisch vermaak!

We klimmen overal op. We kunnen het niet verdragen als de zussen op hun stoelen zitten en wij niet, wij moeten er ook bij gaan zitten, kost wat kost. Op eigen houtje liefst. We zijn kortom een kapoen. Correctie, een KAPOEN.

Schaak – mat!

2010-05-20 014Louisa heeft de smaak van het schaken gepakt. Zonder inleiding, zonder hersenspoeling, zonder training. De kleindochter van een internationaal grootmeester en de beste Tsjechische schaker van de jaren 70 begon in ene keer te vragen dat er iemand met haar schaak speelt.

Ik weet wel hoe je de verschillende stukken mag verzetten, maar daar houdt het zo ongeveer mee op. Meer heb ik van thuis niet meegekregen. Mijn vader die zijn heel jong leven lang over de hele wereld van het ene naar het andere toernooi reisde en flink wat prijsen in de wacht wist te slepen, heeft eerst, toen ik nog heel klein was, een paar keer een poging gedaan om mij wat strategisch denken bij te brengen. Hij zette de stukken in een bepaalde positie en zei bvb: “De witte wint in de vijfde zet.”. Ik baalde meestal.

jan-smejkal-schakenHij heeft er voor goed de brui aan gegeven op het moment dat ik naar huis kwam met een diploma van de eerste plaats van een meisjestoernooi onder de 15 jaar. Zijn vreugde werd aanvankelijk duidelijk overschaduwd door twijfels. Toen moest ik de waarheid opbiechten – ik was de eerste omdat er geen andere vrouwelijke deelnemers van onder de 15 aanwezig waren…Sinds toen werd er bij ons thuis nooit meer over schaken gepraat. Mijn schoolgenoten op de middelbare berichtte mij over zijn overwinningen “overseas”, terwijl hij thuis gewoonlijk antwoordde op de vraag hoe het was met een onbeduidende “buaah”.

En nu dit. Louisa wil schaken, maar mijn vader is vastberaden – hij gaat haar daar niet in helpen. Want vrouwen en schaken, dat gaat niet samen. Ene keer ze eraan beginnen is er geen weg meer terug, volgens hem althans, en dan kunnen ze niet anders dan een gezinsleven opgeven want ze gaan toch alleen met een schaker kunnen trouwen, en twee schaakspelers, dat is een ramp voor het gezinsleven. Mijn moeder zou daar boekdelen over kunnen schrijven, dat is wel waar. Met hoofdstukken zoals “Man nooit thuis”, “Koffers weer uit- en inladen” en “Ween niet kindje, dat is je papa toch!”. En inderdaad, de meeste schaakspelers die ik bij ons over de vloer heb zien lopen, dat waren voor een deel buitenaarde wezens.

2010-05-20 016Maar kom, van de regels te leren moet je nog niet noodgedwongen een profesionele schaakspeler worden. Louisa kreeg de smaak te pakken toen ze bij mijn ouders een schaakbord zag liggen. Ze vroeg mijn moeder om met haar te schaken. Die antwoordde eerlijk dat ze geen benul heeft van hoe dat moet. Luc zei tegen Louisa dat ze het maar aan mijn vader moet vragen. Louisa trok haar wenkbrouwen op alzof ze zeggen wou “genoeg nu met de plagerij!” Het leek haar heel raar dat Děda (opa) het zou kunnen als zelfs Babi (oma) het niet kan.

 

En toch. Děda Jan Smejkal kan het wel.

De meeste ongelukken gebeuren thuis…

2010-05-28 008 … wordt dikwijls gezegd, en we hebben in levenden lijve kunnen ondervinden dat het klopt. Afgelopen zondag is Julietje van de zetel getuimeld op de leuning van de zetel ernaast. Het zou allemaal niet zo erg zijn mocht die tweede zetel geen houten leuning hebben en mocht Julie haar tandjes er niet in hebben gezet.

De gevolgen waren bloedachtig. En de arts bij spoed in Motol ziekenhuis vond het noodzakelijk om haar tong op acht plaatsen te hechten – zowel van boven als van onder hebben haar tanjdes daar diepe kuilen in gemaakt. Tot onze verschrikking leken ook haar bovenste vier tandjes terug in de kaak gedrukt te zijn.

Ondertussen zijn we een paar dagen verder. De tong ziet er verschrikkelijk uit – door hechtingen verdeeld in verschillende veldjes waartussen draadjes uitsteken. Op sommige plaatsen heeft ze witte of grauwe plekken van aangetast weefsel dat zich probeert te herstellen. Niets van aantrekken, zegt de arts, maar het is moeilik want alleen al de stank verraadt dat dit genezingsproces druk bezig is.

De eerste nacht was een nachtmerrie. De verdoving was gedaan en we  mochten haar niet troosten met een tut om haar tandjes niet verder in gevaar te brengen. Julie was meer wakker dan dat ze sliep, en het enige wat haar een beetje troost kon verschaffen waren Bumba filmpjes op YouTube tussen 02 en 03u ´s nachts.

Nu gaat het al veel beter, ze slaapt weer en lacht, wat ons blij maakt en ook enige inzicht geeft in de staat van haar tongetje – de draadjes zijn bijlange nog niet vergaan, de grauwe plekjes zijn steeds aanwezig, alleen de stank wordt misschien wat minder en ze zevert ook geen liters meer per dag.

Op maandag gaan we terug op controle. Duimen maar dat ze haar bovenste tandjes niet gaan moeten trekken – daar maakte de tandarts zich namelijk zorgen over.

P.S. Op de foto in Berlijn – Julie terug in haar sas, voorgesleept door de twee zussen. Hand in hand hebben ze een goede 400 meter gewandeld. Het lijkt of Julie haar ongeval al vergeten is – ze blijft echter nogal driftig als ze haar zin niet krijgt, iets wat ze ervoor niet deed.

Louisa op sluipjacht

2010-04-03 104 Lieve mensen, het is zover. Ons Louisa begint naar de jongens te kijken.

Het is me een paar keer opgevallen dat als ik ze kom halen in de tuin van de school ze stiekem iets met haar vriendinnetje Adélka bekokstooft, dan kijken ze in een bepaalde richting en giegelen zeer meisjesachtig.

Op een dag kwam Louisa zelf naar mij toe: “Mama,” zegt ze, “we bespieden Lukáš van het derde leerjaar. Hij is een hele lieve jongen.” En hoe bespieden ze hem dan, vraag ik. “Gewoon,” antwoordt ze, “we besluipen hem en dan doen we ´boeh´en hij schrikt en het is zo grappig! Maar we willen hem niet pesten hoor, hij is een hele lieve jongen…” Ja ja….In het Tsjechisch zeggen we “haar kuiten beginnen aan te branden.”