De dag begon iets minder. Radka voelde zich niet goed en had koude rillingen. Daarom heeft ze maar besloten om het vandaag maar in ‘t bed uit te zweten.
Uiteraard zijn wij niet op onze kamer blijven zitten met het mooie weer. Julie blijft bij mama, Louisa en Amelie gaan met papa de geplande wandeling doen. Allen op weg …
De planning van de dag was een combinatie van een paar aangeduide wandelingen, om de lengte toch enigzins te beperken. Eerst naar een stuwmeer, de “rode” wandeling volgen. Beiden; Louisa en Amelie, dus om ter eerste steeds op zoek naar de rode streep markeringen die de wandeling aanduiden. Deze boom, die paal, daar die steen, … “Ik had die eerst gezien!”, “NEE!, IK!”.
Aangekomen op de dam van het meer, zouden we terug gaan naar de auto en van daar een niewe wandeling volgen. Maar wat zien we, er loopt een gele wandeling naar dezelfde plaats waar we heen willen maar dan door de valei, laat ons die volgen want het lijkt een hele mooie weg (klein detail, wel een beetje langer :-)) … allen het eens over de verandering… op weg naar het volgende orientatiepunt, een hut … voor een ijsje! Nu de gele streepjes zoeken.
Aangekomen aan de kruising met de nieuwe rode die we moeten volgen is er een kleine hut waar we natuurlijk het lang verwachte ijsje aten. Nu door het bos naar boven, naar het doel van de dag … een uitkijktoren!
Voor de twee kabouters begon het toch een lange wandeling te worden. Door de geboorte van Julie en de gebroken rug van Radka hebben de spieren en krachten blijkbaar een beetje aan oefening verloren.
Louisa en Amelie besluiten dat “hun benen hen niet meer kunnen dragen”, dus hebben we de benen maar wat laten rusten en zijn ze op de armen verder gegaan … of toch eventjes.
We waren nu bijna aan ons doel, de uitkijktoren.
De toren op de wandeling van enkele dagen geleden was leuk geweest en was niet “moeilijk” om te beklimmen met mijn hoogtevrees, dus ik verwachtte dat het met deze ook zoiets zou zijn.
En maar uitkijken wanneer we de toren kunnen zien, want dan was het uiteraard niet meer ver. Maar door al die bomen en kronkelende weggetjes kon je natuurlijk niet ver kijken (daarom ook een uitkijktorens natuurlijk).
Plots staat de toren voor onze neus … en ik begon toch even te lachen …
Hoe zat dat ook weer met die hoogtevrees!? Louisa en Amelie hadden het beiden dadelijk begrepen toen ze de toren zagen en zeiden “Allez papa, anders hebben we heel de weg voor niets gewandeld!”
Dus, alle moed samegepakt en toch de toren omhoog. Eigenlijk viel het dus heel goed mee. Heel stevig en helemaal geen gewaggel, wat ik dus eigenlijk wel had verwacht. Naar beneden hadden de twee kabouters meer problemen dan ikzelf, want plots vonden ze het toch wel hoog om zo naar beneden te kijken dor de trap ….
Eind goed, al goed. Eens allen veilig beneden was het nog maar 20 minuutjes wandelen naar de auto. De tocht van in totaal bijna 12 Km zat er op, en die hebben die kleine beentjes (en armpjes) helemaal zelf gewandeld.
Goed gedaan kabouters!
Meet fotootjes in het fotoalbum.