Een, twee, drie….we hebben er zevenendertig geteld. Luizen. En dat na een behandeling vorige week met een superefficiënt Belgisch product. Amélie stond geduldig te wachten terwijl ik haar haartjes aan het uitkammen was en danm zei ze met een serieus gezicht: “Mijn hoofdje is niet voor luizen! Het is voor te kijken. En voor te eten!” Daar hebben jullie het, luizen, hopla, wegwezen!
Category Archives: anecdoten
Schaak – mat!
Louisa heeft de smaak van het schaken gepakt. Zonder inleiding, zonder hersenspoeling, zonder training. De kleindochter van een internationaal grootmeester en de beste Tsjechische schaker van de jaren 70 begon in ene keer te vragen dat er iemand met haar schaak speelt.
Ik weet wel hoe je de verschillende stukken mag verzetten, maar daar houdt het zo ongeveer mee op. Meer heb ik van thuis niet meegekregen. Mijn vader die zijn heel jong leven lang over de hele wereld van het ene naar het andere toernooi reisde en flink wat prijsen in de wacht wist te slepen, heeft eerst, toen ik nog heel klein was, een paar keer een poging gedaan om mij wat strategisch denken bij te brengen. Hij zette de stukken in een bepaalde positie en zei bvb: “De witte wint in de vijfde zet.”. Ik baalde meestal.
Hij heeft er voor goed de brui aan gegeven op het moment dat ik naar huis kwam met een diploma van de eerste plaats van een meisjestoernooi onder de 15 jaar. Zijn vreugde werd aanvankelijk duidelijk overschaduwd door twijfels. Toen moest ik de waarheid opbiechten – ik was de eerste omdat er geen andere vrouwelijke deelnemers van onder de 15 aanwezig waren…Sinds toen werd er bij ons thuis nooit meer over schaken gepraat. Mijn schoolgenoten op de middelbare berichtte mij over zijn overwinningen “overseas”, terwijl hij thuis gewoonlijk antwoordde op de vraag hoe het was met een onbeduidende “buaah”.
En nu dit. Louisa wil schaken, maar mijn vader is vastberaden – hij gaat haar daar niet in helpen. Want vrouwen en schaken, dat gaat niet samen. Ene keer ze eraan beginnen is er geen weg meer terug, volgens hem althans, en dan kunnen ze niet anders dan een gezinsleven opgeven want ze gaan toch alleen met een schaker kunnen trouwen, en twee schaakspelers, dat is een ramp voor het gezinsleven. Mijn moeder zou daar boekdelen over kunnen schrijven, dat is wel waar. Met hoofdstukken zoals “Man nooit thuis”, “Koffers weer uit- en inladen” en “Ween niet kindje, dat is je papa toch!”. En inderdaad, de meeste schaakspelers die ik bij ons over de vloer heb zien lopen, dat waren voor een deel buitenaarde wezens.
Maar kom, van de regels te leren moet je nog niet noodgedwongen een profesionele schaakspeler worden. Louisa kreeg de smaak te pakken toen ze bij mijn ouders een schaakbord zag liggen. Ze vroeg mijn moeder om met haar te schaken. Die antwoordde eerlijk dat ze geen benul heeft van hoe dat moet. Luc zei tegen Louisa dat ze het maar aan mijn vader moet vragen. Louisa trok haar wenkbrouwen op alzof ze zeggen wou “genoeg nu met de plagerij!” Het leek haar heel raar dat Děda (opa) het zou kunnen als zelfs Babi (oma) het niet kan.
En toch. Děda Jan Smejkal kan het wel.
De pot op met Julie
Tegen al deskundig advies (van Belgische kinderartsen) in vindt mijn moeder en mijn tante dat nu Julie haar eerste kaarsje heeft uitgeblazen het de hoogte tijd is om met de zindelijkheidstraining aan te vangen. Dat de sluitspieren van de blaas het nog niet onder controle hebben deugt niet als argument. Wij waren toch ook getrained toen we met anderhalf zonder luiers rondliepen!
Ten welke kost vraag ik me soms af? Toen we nog in Belgie woonden en regelmatig met de kinderen naar Praag kwamen pasten mijn ouders heel graag voor ze op terwijl wij ons aan het uitleven waren in de stad. Dikwijls toen we terugkwamen zei mijn vader dat ze met Louisa niet eens naar buiten zijn geraakt. Hoe dat niet? Ze zat de ganse namiddag op de pot, en ze wouden niet weg gaan voordat ze had geplast. Zo dus…..
Na ja, om de kerk in het midden te houden heb ik ons potje uit de kelder gevist. Af en toe als ik Julie verluier zet ik haar daar even op. In plaats van een zindelijkheidstraining lijkt het echter eerder op gymnastiek: opstaan, hurken, opstaan, hurken, opstaan. Vooral opstaan dan. Een paar dagen geleden was het haar gelukt om tijdens die picoseconde die ze hurkte een klein beetje te plassen. Je kon op haar gezicht aflezen dat ze dat niet eens in de gaten had. Ik en Amélie begonnen haar toe te juichen – Julie keek ons aan van: allé na, wat gebeurt er nu? Toen ik haar haar eerste product heb laten zien vond ze het de moeite niet eens om om te kijken. Maar goed, het is gelukt. Deze keer dan toch 🙂
Poep op een naald
In Konstanz, tijdens een wandeling, viel Louisa op dat veel vensterbankjes van de gebouwen in de oude stad “versierd” waren met lange, dicht bij elkaar geplaatste naalden. Waarom zou dat zijn? Luc legde uit dat het is voor de duiven om te voorkomen dat ze overal gaan poepen. Louisa bestudeerde nauwkeurig verschillende modellen van de vensterbanken, maar het liet haar toch niet koud. “Maar papa, hoe kunnen die duiven net op die naald mikken om te poepen, dat moet toch erg moeilijk zijn!”
Hoe het zit met God…
In Ravensburg op de Paasmarkt kwam een oudere meneer naar onze kinderen en bood ze een kleurkalender aan met verhaaltjes uit de bijbel. “Waarom doet ie dat, papa?” vroeg Amélie. “Omdat hij in God gelooft en wil dat anderen dat ook doen,” leek ons de meest pertinente beschrijving van die Jehova-getuige. Toen kwam natuurlijk die onvermijdelijke vraag: “En wie is God?”.
Ja. Hoe beschrijf je God in een paar woorden? Wij raakten verstrikt in de warboel waarmee me onze vrijzinnige opvatting van God een beetje trachtten aan te rijken met wat bijbelse theorie. Amélie luisterde aandachtig, en toen we bijna uitgepraat waren, antwoorde ze op de vraag of het haar enigszins duidelijk was: “Ja! Ik weet het al! God is Karel Gott!”
P.S. Karel Gott, “die goldene Stimme aus Prag”, de zanger van de liedjes van Maya de Bij, razendpopulair in Tsjechië en Oost-Duistland, een soort Tsjechische Wil Tura. Geen idee hoe ze op die naam is gekomen, maar blijkbaar moeten we onze uitleg toch nog wat bijschaven…
Aan de rand van geloofinzinking…
Mama, zegt Louisa peinzend, Adélka van klas 1.Š heeft op school verteld dat de Kerstman niet bestaat. – Ah, neen? – Nee. Ze zegt dat naar ´t schijnt mama´s en papa´s kadootjes brengen. – Ah ja? – Maar dat kan toch niet! Die kunnen toch nooit zoveel kadotjes kopen voor de kindjes!
En we gaan gerust het nieuwe kerstmis tegemoet…
Fopje flauw mopje
Bumba revisited
Studio 100 zal blij zijn met hun nieuwe aanwinst – ons Julietje heeft Bumba ontdekt. De ontdekking heeft plaatsgevonden uit nood op het moment dat ik nog de laatste puntjes op de i´s moest zetten van een vertaalwerk dat opgestuurd moest worden en zij wou per se bij mij op schoot zitten. Werkend met twee schermen, heb ik op één Bumba van YouTube laten draaien en op het tweede verder proberen te werken.
Het ging fantastisch. Julie zat er als vastgeplakt en staarde letterlijk naar figuurtjes op het scherm. Zo compleet gefascineerd heb ik ze nog nooit gezien. Louisa en Amélie zijn op Teletubies groot geworden, toen hadden we Bumba voor een of andere reden overgeslagen. Maar deze keer laten we hem aan ons niet ontsnappen. Vanochtend bij de ontbijttafel heeft de hele Belgische ploeg van hier gretig Bumba gevolgd op het internet. Voor Louisa en Amélie kreeg Bumba zelfs voorrang boven Mega Mindy en K3. En dat is al heel wat!
Sneeuwhonden fokken voor dummies
Hoe fok je een sneewhond? Het is simpel. Je wordt wakker en stelt vast dat de dertig centimeter hoge sneeuwhoop overnacht nog wat dikker geworden is. Je staat een uur te brullen op je kroost om voort te doen om naar buiten te geraken, maar het wordt je niet makkelijker gemaakt door het feit dat Mega Mindy op Canvas net al haar truckjes aan het uithalen is. Je geraakt uiteindelijk naar buiten door je kinderen het middagmaal te ontzeggen (dan hadden jullie beter moeten ontbijten!), met als smoes te gaan sleën.
Je geraakt net tot het rand van het bos en met lede ogen aanziet dat je kroost in plaats van zich enthousiast te storten op het sleën met een verveeld gezicht begint te zeuren dat ze liever terug naar huis willen. Je pakt de sleë en je vrouw en glijdt ermee de berg af. Je kroost blijft ongeïnteresseerd. Je maakt een sneeuwbal en bij het gooien ervan in de richting van je zeurderig kroost valt het je op dat de bal niet eens uiteenvalt. Je raapt het terug op en rolt het in de verse sneeuw die bijna tot je kniën rijkt. Je doet alsof je een sneeuwpop maakt. Je kroost begint te zeuren dat ze geen sneeuwpop willen maar een sneeuwbeer, net zo ene als die ze in het boekje van Winny de Poeh gezien hebben.
Je maakt een voortreffelijke sneeuwbeer, life-size. Je kroost wil niet naar huis. Ze willen een sneeuwvos. Je begint het sneeuw-beeldhouden onder de knie te krijgen. Je maakt vier pilaren, zet de romp erop, steekt een tak door de reet van het beest en plakt er wat sneeuw rond. Hij kan er bijna mee kwispelen. Je hebt geen eigen fototoestel mee en trekt dus een paar verfoeilijke foto´s met je gsm. Het trekt op niets. Je maakt je oevre af en gaat naar huis.
Zodra je weg bent beginnen toeschouwers met fototoestellen toe te stromen. Niemand die uit de metro komt kan er naast kijken. De fototoestellen beginnen te flitsen. Er komt een hond aangelopen en gaat pardoes op je sneeuwvos af en wil ermee paren. Als hij verhinderd wordt door zijn baasje, doet ie toch nog een poging om je sneeuwbeer te beplassen. Het is hem ook niet gegund. Je vosje blijft onbevlekt maar niemand ziet in dat het een vos is. Wat een leuke sneeuwhond roepen de toeschouwers!
Door Praag met sneeuwkettingen
Het is beginnen te sneeuwen. En het sneeuwde en sneeuwde en toen we wakker werden sneeuwde het nog steeds… En goede vijfentwintig centimeter op een twaalf uur tijd.
Toen gisteravond in Het journaal op VTM de weerman met een serieuze blik aankondigde dat België naar een ware sneeuwkalamiteit afstevent omdat ze morgen ongeveer 1 centimeter sneeuw verwachten, barstten we in lachen uit.
Hier in Praag waren gisteravond zelfs de drukke wegen niet meer berijdbaar. Ryšavého straat bij ons in de buurt waar per minuut zoveel auto´s voorbij zoemen zag er uit als een reuzegrote rodelbaan. Komárkova straat hebben we zelf niet omhoog durven rijden, dat was een gletsjer. Tante Miluška moest van ons vanochtend met de trein vertrekken. Ze is geraakt tot aan het centraal station (nog geen lavines in de metro), maar toen ze hoorde dat de treinen in oost-Tsjechië tot vier uur vertraging hebben, was haar trip gedaan.
Maar we blijven het prachtig vinden. De kinderen waren weliswaar onthutst toen we beslissten om toch maar niet te gaan skien gezien we van hier tot aan de piste over de autobaan zouden kunnen langlaufen. Het werd dan “maar” sleeën.