Monthly Archives: March 2006

Leven in Praag, Deel I

Het is nu twee weken geleden dat de camion onze spullen in Praag heeft afgezet. Het avontuur is begonnen, en het loopt niet echt van een leien dakje, zou ik zeggen. Hierbij een verslag:

Hoofdstuk I:
We dachten dat we in Leuven goed hadden gesorteerd. Veel spullen weggedaan of weggegeven, goed aangegeven wat mee naar het appartement kan en wat direct gestockeerd moest worden. In werkelijkheid kwamen de mannen hier de dozen en meubels afzetten die voor het appartement bestemd waren en als ik zo halverwege eens binnen kwam kijken kon ik over de berg dozen niet eens de venster zien. De rest stond nog buiten in de gang, de lift, de trap en in de camion. “Madameke, had Uw appartementje niet zo´n 100 m2 meer moeten hebben?” vroeg een van die venten mij in aller ernst. Het is onvoorspeelbaar moeilijk om de inboedel van een huis met drie verdiepingen in een
appartement met twee slaapkamers te krijgen. Dus in plaats van uitpakken was het uitpakken, sorteren, wegdoen, terug inpakken en wegbrengen geblazen. Maar het goede eraan is dat pas als je het moet doen besef je hoeveel spullen je teveel hebt, dat 1 theekan perfect volstaat in plaats van vier die ook mooi ogen, enz. We hebben onze rommel gereduceert tot een fractie en toch hebben we genoeg van alles, dus denken we dat als we binnen de volgende maanden niets gaan missen dat we de rest in plaats van uitpakken gewoon direct weg gaan doen. Opfrissend :-)

Hoofdstuk II:

Vanaf de eerste dag als we hier aankwamen logeerden de kinderen bij mijn ouders. Prima tot ongever 24 uur later toen mijn ouders meldden dat Amélie koorts maakt. Niet zo best. Maar een virusje zeker. Niet alleen had Amélie een goede virus, ze kon hier ook niet wennen (dat hadden we van Louisa verwacht die zo veel heeft achtergelaten waar ze echt bewust van was, maar de kleinste?) Amélie weende en weende, was niet in bed te krijgen, niet overdag en niet s´nachts, en het duurde voort ook al had ze later geen koortst niet meer. En mits Louisa en Amélie nu een kamer moeten delen draaide het elke nacht op een ware ramp uit – krijsende kinderen die elkaar steeds wakker maken en waar je geen vat op hebt. En zelf ook geen slaap vat uiteraard.

Hoofdstuk III:

Op maandag 4 dagen na het verhuis ging Louisa voor de eerste keer hier naar school. Verliep prima! Ze ging eerst eventjes het speelgoed inspecteren en kwam gewoon niet meer terug om gedag te zeggen. Bij haar oppikken heeft Luc zelfs kennis gemaakt met een oma die ook haar kleinzoon was komen afhalen en die – geloof het of niet – vlaams sprak, omdat ze van Brugge komt. Dus Louisa gaat naar school met een jongetje wiens papa ook een Vlaming is. Tot dusver goed. Maar – dit was evenwel de eerste en de laatste dag dat Louisa naar school ging. Dezelfde avond nog maakte ze hoge koorst en bleef dus thuis. Het werd maar niet beter dus binnen een paar dagen gingen we naar de dokter – een fikse keelonsteking met antibiotica en nog een week thuisgeschreven. Niet genoeg: twee dagen later kreeg Louisa haar eerste puntjes – toen vond ze ze nog grappig. Nu niet meer. Ze zit van kop tot teen bezaaid met afschuwelijke jeukende waterpokken, in het bijzonder op haar oogleden, achter haar oren, tussen de vingertjes en teentjes, op de palmen van haar handjes, rondom haar mondje, en elders ook. Ze blijft maar wenen van de jeuk en niets helpt. Soms heeft ze hoge koorts, soms niet, maar dat is het minste. Als ik dit schrijf is het al zes dagen geleden dat het begonnen is en de hel is nog niet gedaan. Je kunt haar niet troosten, alleen af en toe Assepoester kijken brengt wel een beetje soelaas. Amélie heeft ze nog niet, maar het zal ook geen drie weken op zich laten wachten. En in afwachting ervan konden mijn familie niet helpen omdat beide mijn ouders en mijn zuster zelf ook ziek waren. Vandaag is mijn papa Amélie komen halen, wat een opluchting. Dat arm beestje kon niets doen, is al bijna twee weken niet naar buiten kunnen gaan, moest steeds van Louisa afblijven en mits Louisa constant aan mij hing moest ik Amélie maar steeds wegsturen. Als ze zag wat voor pijn haar zusje heeft wou ze haar steeds een kusje komen geven, maar dat stuitte uiteraard op hevig protest van mij en op een hysterisch gekrijs van Louisa die heel lastig was op Amélie. Sinds vandaag is tenminste mijn vader al beter en kan hij zorg dragen voor Amélie, en die krijgt dan tenminste de aandacht die ze verdient.

Hoofdstuk IV:

Sinds Luc bij DHL begonnen is heb ik hem weinig gezien. Sinds vier dagen heb ik hem zo goed als niet gezien. Eergisteren op het werk tot 21uur, naar huis gekomen en van hier uit verder doorgewerkt tot 4uur ´s nachts.
Gisteren kwam hij pas om 23u naar huis. Een van die systemen waar hij verantwoordelijk voor is is gecrashed, uitgerekend nu. Geweldig. Kan nog beter – volgende week is hij hier helemaal niet, moet voor een zakenreis naar Brussel. Maar verwacht niet dat hij iets van zich laat weten, zijn agenda staat volgepland elke dag tot 24uur ´s avonds. En dat zijn nog maar de “geplande” aangelegenheden.

Hoofdstuk V:

Vandaag is 17 maart. Normaal gezien zou je hyacinthen in de weien moeten kunnen gaan plukken in dit sezoen. Door de venster van onze living (buiten geraak ik niet in deze tumult) zie ik buiten zo 30cm sneeuw liggen. En het blijft maar sneeuwen. Een paar dagen geleden konden we van de parking voor het gebouw bij mijn ouders niet vertrekken. Als je de deuren van de auto open deed, stond de sneeuw gelijk met de onderkant van de deur omdat de bovenste laag werd weggeschoren door het openen van die deuren. Je stapte dus in zo 40 cm verse sneeuw, tot boven Uw knieen in andere woorden. De lente is dus bijlange nog niet in aantocht.

Résumé:

Het is niet best. Maar het is zo absuurd hoe alles tegenvalt dat je het zelfs niet au serieux kunt nemen. Ik leef in een soort trans, en Luc ook, beiden op onze eigen manier. Als we van die trans ontwaken zullen we wel laten weten hoe het is om in Praag te wonen. Nu kan ik alleen spreken over overleven.
Maar voor de rest blijven we optimistisch. Heet meest van ons allemaal arm Louisatje: als ze niet weent van de jeuk of koorts en al ze op haar lichaampje zo ongeveer twee vierkante centimeter kan vinden waar ze voor het moment geen puistje heeft, dan roept ze heel blij “mama, papa, kijk, ik heb GEEN puistjes meer!”.

Dus sluit ik dit verslag af met het motto van mijn lievelingsgedicht geschreven door Lawrence Ferlinghetti:

The world is a beautiful place to be born into

if you don’t mind happiness

not always being so very much fun

if you don’t mind a touch of hell

now and then

just when everything is so fine

because even in heaven

they don’t sing all the time …

We missen jullie allemaal, en denken zo graag terug aan de mooie momenten die we samen hebben gehad en aan ons afscheid. Bedankt voor alles, en blijf in contact, wij zullen dat ook doen. En wie als eerste op bezoek komt is de winnaar. De race is geopend! ( P.S. Als je je haast kan je nog waterpokken mee naar huis nemen :-) )

Groetjes,

Radka en co.