“Dit is de Groenplaats. Kijk hoe mooi, die katedraal!” Ons pagader-papa wordt helemaal vertederd bij het zicht van de iconen van zijn stad. “Waarom?” “Waarom wat schatjes?” “Waarom is dit de groenplaats?”
“Ja…Dat was ooit groen, en dan was het een kerkhof en nu is het vol beton. En daarom heet het de Groenplaats”. Aha. Nu de bomen zo mooi kleuren lijk het eerder op een Roodplaats.
“En zie daar, die mijnheer met zijn hand, die zo uitsteekt? Oh, laat maar, da´s voor later. Dat was ene Rubens”.
“Wij willen friiiiiietjes papa!”
En frietjes worden het. In een puntzakje. En met een hoop mayonaise. En wat dachten jullie? Ene grote voor onze kleine kapoenen? Niets van! Opgepeuzeld in een mum van tijd. We willen nóg friiiiiietjes!
Een frituur in Praag zou een gouden zaak zijn. Naast al die standjes met worsten, hot-dogs een zoete gebakken die de stad in alle seizoenen bezetten. Maar geen één frietkot. Met frieten tweemaal gebakken, op 160 en nog eens op 180 graden. Lekker knapperig.
Het is gezellig in Antwerpen. Tegen alle verwachtigen in is het buiten een goede 17 graden en de terrasjes zijn nog niet opgeruimd.
Op naar Den Engel! Een van de bekendste stamkroegen waar papa zijn jeugd doorbracht, zoals hij trots aan zijn kinderen vertelt. Een bolleke drinken, zeh…
En we hebben een leuk gezelschap, tante Monique kwam mee. De busrit van bij haar thuis in Edegem is een heuse sightseeing. Hij pakt niet de kortste weg naar Centraal Station, maar omdat we niet gehaast zijn kunnen we des te meer rondkijken hoe de bladeren stilletjes dwarrelen over de door warme zonnestralen begoten straten.
Luc, die al half Tsjech geworden is, wordt verontwaardigd dat niemand bougeert als hij met de koets de bus instapt. “Dat zou in Praag niet waar zijn!” bromt ie heen en weer vliegend terwijl hij de koets probeert tegen te houden. Een madame die het opklapzeteltje heeft ingepalmd op de voor koetsen en rolstoelen gereserveerde plaats kijkt hem wat geirriteerd aan. “Is die voiture van U niet een beetje oversize?!” gooit ze olie op het vuur. Een beetje verder hangt een bejaarde te bengelen boven een tiener die onverschillig uit de venster kijkt. Dat zou in Praag inderdaad niet waar zijn.
Eindelijk komen we aan in Centraal Station. Wat een pracht! De treinen die boven elkaar komen en gaan, de lichtinval van de geruite vensters, de cafés en shops, maar vooral de RUIMTE. Heel veel ruimte midden van zo´n druk bebouwde stad. Verfrissend!
Onze avontuur is bijlang nog niet gedaan. We duiken de Anwerpse ondergrond in. Griezelig, zeg! De lange gangen, nauwe perrons, een doolhof van (rol)trappen en laag hangende kabels. De “metro”! Een moltrein als benaming zou hier meer toepasselijk zijn, medunkt. De metro die bij ons in Praag bij ons huis voorbij komt is van een modernere snit. Maar de metro-tram brengt ons in een mum van tijd naar de Groenplaats, dus de lus van dit verhaal is compleet…..